Compaan Uitgevers

Job Creyghton

Job Creyghton
  • Auteur: Job Creyghton

Biografie:


Job Creyghton groeide op in Zuid-Limburg en kreeg daar een katholieke opvoeding. Hij bezocht het gymnasium op het Henric van Veldeke College in Maastricht. In Amsterdam studeerde hij aan de theaterschool. Later bezocht hij de universiteit waar hij in 1982 de studie Geschiedenis afronde. Hij studeerde in Berlijn en Keulen en deed voor de Universiteit van Amsterdam onderzoek naar het begrip het tragische in de nationaal-socialistische dramatische literatuur. Hij geeft onder andere les aan De Schrijversvakschool in Amsterdam, aan de School voor Journalistiek in Utrecht en aan de Academie voor Mode, Vormgeving en Strategie in Arnhem. Hij debuteerde met de roman Lelievelds Kramp en schreef daarna de roman In tegenlicht. Hij publiceerde in onder andere De Gids, Maatstaf en De Tweede Ronde.


Enkele stemmetjes uit de pers:

- Originaliteit kan de hoofdpersoon van Job Creyghton's debuutroman zeker niet ontzegd worden. (Elsbeth Etty in NRC-Handelsblad over Lelievelds Kramp)

- Intelligent, vlijmscharp en somber, maar bovenal herkenbaar. (Isabelle Deleu in het tijdschrift voor de Vlaamse bibliotheken over Lelievelds Kramp)

- Job Creyghton schreef een beklemmende roman over een man die in het reine probeert te komen met zijn verleden, maar hier niet de kans toe krijgt. (Gijs IJlander in HN over Lelievelds Kramp)

- In Tegenlicht is een moderne en spannende roman over gedrevenheid en angst, moed en onzekerheid. (Suzanne Verkoren in Recensieweb over In Tegenlicht)

- Het verhaal roept nieuwsgierigheid op en loopt prettig. (Sarah Sloot in 8 Weekly)

Interview:


Schrijven om niet verslaafd te raken aan het leven

Jou wordt een beurs aangeboden om historisch onderzoek te doen - naar een onderwerp dat je boeit. Of schrijftijd, zonder beurs. Waar kies je voor?
Schrijftijd. Geschiedenis is een mooi vak, zeker. En ook daar heb je dat spannende grensgebied tussen fictie en non-fictie.

Hoe bedoel je?
Ooit deed ik onderzoek naar de machtsverhoudingen tussen de Perzen en de Grieken in het Klein Azië van zo'n 2500 jaar geleden. Strikt wetenschappelijk: per streek hoeveel tempels van de Grieken of de Perzen waren, hoeveel steden, hoeveel garnizoenen - harde cijfers, kortom. Maar welk belang hebben cijfers? Wat doe je ermee? Sommige haal je naar voren, andere duw je naar de achtergrond omdat ze het totaalbeeld juist waziger maken. Of ze ontbreken in de bronnen, wat ook alweer een vertekening oplevert. Conclusie: ik moest een verhaal vertellen, de cijfers interpreteren. Wie fictie schrijft, verzint behalve het verhaal ook de "cijfers" - meer verschil is er niet.

Stel, je moet de pen voorgoed neerleggen. Wat zou daaraan het ergste zijn? Dat ik monddood word, geen uitdrukking meer mag geven aan de absurde werkelijkheid, die we nooit echt zullen kennen. We blijven in de dingen steken: de manieren waarop we gewend zijn ernaar te kijken, erover te praten. Dat doorbreken, het althans proberen - vind ik het mooiste wat er is.

Zit de absurditeit in de realiteit of in ons hoofd?
In de realiteit. We zien dingen, zonder te weten of te kunnen doorgronden wat ze - buiten ons referentiekader - zijn. Dat tobben over de werkelijkheid zit in ons hoofd. Dat is op zich natuurlijk al redelijk bizar. Maar dat de realiteit er überhaupt is, dat is absurd.

Een overtuigende roman zonder mensen, kan dat?
Nee. De worsteling met het absurde, met de realiteit dus, dat is mensenwerk. Het drama is, dat wij verstrikt raken in onze voorstelling daarvan. Verslaafd aan wat boeddhisten "maya" noemen, de sluier die over alles ligt. We jagen illusies na, we hechten ons aan schimmen. Boeddhisten mediteren en proberen op die manier tot de kern door te dringen: wat die ook is. Zelfs als die kern de werkelijkheid is.

Wat wil je daarmee zeggen?
Niets. Dat de werkelijkheid een soort van absurde grap is. Lou Salomé, de bazige vriendin van de filosoof met de hamer zei het zo: wij, mensen kunnen ons verliezen in kunst, en in religie en seks. En ze spande de arme man vervolgens in een tuigje voor haar karretje, met een zweepje in haar hand! Dat is echt grappig. Maar het was ook realiteit. En drama.

Wat is voor jou schrijven?
Iets beschrijven wat niet beschreven kan worden. Om de ongrijpbare werkelijkheid te grijpen, die achter de dingen schuilgaat. Een manier om minder verslaafd te zijn aan het leven.